MENU
Emke in de Bijbelstand: mijn ontmoeting met Leny

Emke in de Bijbelstand: mijn ontmoeting met Leny

28 feb

Leny staat rustig rond te kijken en leest wat er in de stand hangt. Ik vraag haar wat ze van de stand vindt. ‘Och ja, ik zit eens te kijken hè, ik ben zelf ook gelovig, maar dat is anders.’ ‘Misschien kunt u mij er iets over vertellen? Ik ben wel benieuwd!’ zeg ik tegen haar. ‘Ach meisje, ik ben rooms katholiek, ik zit de hele week in de kerk, maar ik heb mijn eigen religie. Ik geloofde vroeger wel veel, maar nú…’

In de minuten die daarop volgen, kom ik erachter wát Leny gelooft.
- Ze gelooft in een god die je zelf bent.
- Ze gelooft in liefde.
- Ze gelooft in goedheid van mensen.
- Ze gelooft in ‘iets’.

Dat verwondert mij, aangezien ze mij in de zinnen daarvoor heeft gezegd dat ze niet meer in God kan geloven omdat er zoveel ellende op aarde is. En daar moest Hij dan maar wat aan doen, mocht Hij bestaan!

We praten verder. Leny stort haar gedachten en wijsheden over mij uit. Ze zegt heel stellig wat ze vindt en gelooft, om daarna te vragen: ‘Maar eh… hoe zie jij dat dan?’

Tranen
Ik mag haar op mijn beurt vertellen wat ik geloof. Ik vertel haar over de liefde van Vader God en wat het voor mij betekent dat de Here Jezus voor mij stierf. Hoe Hij aanwezig is in mijn leven, en hoe ik niet zonder Hem zou kunnen leven. Dan springen de tranen in haar ogen. ‘Kind, wat ben ik dáár stikjaloers op. Jij hebt zo’n mooi en blij geloof. Ik wou dat ik dát had!’ Oh, wat geniet ik ervan als ik haar mag vertellen hoeveel God om háár geeft. Het doet haar wat, ik zie het, en het kan ook niet anders.

‘Kind, wat ben ik dáár stikjaloers op.
Jij hebt zo’n mooi en blij geloof.
Ik wou dat ik dát had!


Het verdrietige is, dat Leny dan wel jaloers is, maar vervolgens uitlegt: ‘Maar Jezus hoefde voor mij niet te sterven hoor. Ik doe helemaal niets verkeerd. Echt nooit niet!’ ‘Sjonge,’ zeg ik verbluft. ‘Nooit? Nóóit een foutje gemaakt?’ ‘Ach ja, fouten maken we allemaal hè,’ reageert ze laconiek. ‘Maar een Verlosser heb ik echt niet nodig. De verhalen zijn mooi, het voorbeeld is mooi, maar verder is dat niet voor mij hoor. Ik kan daar niets mee. Nee hoor, ik hoef dat echt niet!’

Zielig
Ze kijkt mij opeens ondeugend aan en buigt zich wat voorover. Op een geheimzinnig toontje zegt ze: ‘Zeg eens eerlijk, leer jij je kinderen écht dat God de aarde maakte, met Adam en Eva enzo? Dat doet echt niemand meer hoor!’ Leny is een echte lieverd. Als ik haar bevestigend antwoord, dat ik mijn kinderen inderdáád leer dat het waar is wat er in de Bijbel staat, grijpt ze me plotseling beet en zegt ernstig en heftig: ‘Emke, vertel jij wérkelijk thuis aan je kinderen dat dat allemaal wáár is, dat je kinderen slecht zijn en naar de hel moeten? Dat is toch zielig!’

‘Zeg eens eerlijk, leer jij je kinderen écht dat
God de aarde maakte, met Adam en Eva enzo?'


Ik kijk haar enkele seconden verbijsterd aan, en realiseer mij dan dat ik een badge draag met mijn naam erop. Ik glimlach. ‘Dat klinkt inderdaad niet heel positief hè! Zal ik je vertellen wat ik mijn kinderen vertel? Ik vertel ze dat God hen gemaakt heeft. Uniek en heel bijzonder. Dat Hij hen gemaakt heeft, omdat Hij een plan met hun leven heeft. Dat Hij van hen houdt. Zelfs zóveel, dat Hij zijn eigen Zoon voor hen gaf. Jezus stierf voor hen, zodat Vader God hen in Zijn hart kan sluiten. En dat als ze fouten maken, ze altijd opnieuw mogen beginnen.’ ‘Ach,’ zegt Leny, opnieuw ontroerd. ‘Ik wou dat ze mij dat zo geleerd hadden vroeger… dát is echt mooi, zoals jij het vertelt… maar ik hoef het niet hoor! Echt niet! Ik heb mijn eigen geloof! En ik doe geen verkeerde dingen…’

...dát is echt mooi, zoals jij het vertelt…
maar ik hoef het niet hoor! Echt niet!
Ik heb mijn eigen geloof! En ik doe
geen verkeerde dingen…’


Ze wil het boekje ‘Gods cadeau voor jou’ wel meenemen. ‘Ik blijf bij mijn eigen geloof hoor. Maar je mag zeker voor mij bidden. Dan zal ik ook aan jou denken. Ik dank ook elke dag God! Ja, zo noem ik het dan toch maar… En jouw geloof is prachtig. Ik hoef het niet hoor, maar ik vind het práchtig!’

Resoluut
Leny aait me nog een keer, bedankt me hartelijk en gaat weer verder. Ik sta even bij te komen van dit wonderlijke gesprek. Ik ben een beetje beduusd door en ook verdrietig over haar reactie. Deze vrouw is geraakt door Gods liefde voor haar, maar wijst Hem resoluut af. Ik ben ook blij en dankbaar voor alles wat ik aan haar mocht vertellen. En nu mag ik voor haar bidden. Gelukkig is gebed niet het laatste redmiddel, maar het machtigste wapen dat er is!

Leny zei dat ze niet meer in God kan geloven omdat er zoveel ellende op aarde is. Hoe ga jij om met deze vraag? Volgende keer wil ik een verhaal met je delen dat ook gaat over deze meest gehoorde tegenwerping.

Emke de Jager-Kramer
Emke de Jager-Kramer is getrouwd met Richard, ze wonen in Alphen aan den Rijn en hebben drie kinderen. Emke en Richard zijn al jaren samen fulltime bezig met de Bijbelstand, een evangelisatieproject waarbij ze op tal van consumentenbeurzen aanwezig zijn met een informatieve stand over het christelijk geloof. Richard is actief achter de schermen, hij is verantwoordelijk voor de opbouw en logistiek, Emke vind je normaal gesproken in de stand op de beursvloer in gesprek met bezoekers. Maar door de coronacrisis is alles stopgezet. Via deze serie artikelen op christelijknieuws.nl krijgen we een inkijkje in het bijzondere werk dat ze voor de Heere mogen doen.

Datum: 28 februari 2021
Auteur: Emke de Jager
Foto: Bijbelstand
Website: http://www.bijbelstand.nl

Dit artikel delen:

Meer nieuws: