Uien – om van te huilen

‘Wij richten ons niet op de zichtbare dingen maar op de onzichtbare, want de zichtbare dingen zijn tijdelijk, de onzichtbare eeuwig.’ (2 Korinthe 4:18)

Steeds zien we in de Bijbel deze 2 kanten die horen bij een leven hier op aarde: de buitenkant, de zichtbare, tijdelijke dingen en de binnenkant, de onzichtbare, eeuwige dingen. Het gaat niet om de buitenkant, maar de buitenkant is wel nodig om dat waar het om gaat, wat van binnen leeft en groeit, te beschermen. Zonder de buitenkant kan er ook geen binnenkant hier op aarde zijn. Zoals een schil nodig is om de vrucht, een banaan bijvoorbeeld, dat erin groeit, te beschermen. 

Als het volk van God, op weg naar het Beloofde Land, terugverlangt naar Egypte, worden de uien genoemd, als één van de dingen waarnaar ze verlangen (Numeri 11:5). Uien zijn eigenlijk alleen maar schil, je kunt steeds maar doorgaan met afpellen. Maar onder al die schillen zit niets verborgen. Het heeft geen inhoud. Het is eigenlijk alleen maar ‘buitenkant’, schil. En dat is waar ‘de wereld van Egypte’ zich mee bezig houdt, zich mee voedt.

Het volk van God is toch uit die wereld van Egypte verlost, om niet langer alleen voor de aardse, tijdelijke dingen te leven, maar om God te dienen en met Hem op weg te gaan. Vandaar de oproep: zoek de dingen die boven zijn, de eeuwige, wezenlijke dingen. Dat geeft echte vreugde en een diep gevoel van te-vrede-n zijn.                 

‘…wie de Here zoeken, hebben geen gebrek aan enig goed.’ (Psalm 34:10)

Als je een ui gaat afpellen, krijg je tranen. Je bent bezig met alleen maar schillen, alleen maar buitenkant. Er is geen kern, geen inhoud in te vinden… om te huilen.

Christelijk Nieuws
ChristelijkNieuws.nl maakt gebruik van cookies