Column – Gods handelen in het paradijs na het fatale optreden van Adam vind ik ontroerend. Hij komt niet met verwijten, maar Hij stelt een korte vraag.
Kapot gemaakt
Als iemand door ongehoorzaamheid iets heel moois en kostbaars van mij kapot heeft gemaakt dan kan hij er op rekenen dat ik heel erg boos op hem zal worden. Hij doet er dan goed aan een eind uit mijn buurt te blijven. Van mijn kant hoeft hij niet te rekenen op begrip of contact.
De mens Adam heeft door een daad van ongehoorzaamheid Gods schepping van haar onschuld beroofd. In één klap was alles kapot wat God zo goed had gemaakt. De zonde deed haar intreden en daarmee ook de dood.
Ik vraag me af wat het voor de Heere God heeft betekend dat de mens door ongehoorzaamheid Zijn schepping in het ongeluk heeft gestort. Daar krijg ik natuurlijk geen antwoord op. Was Hij boos? Was Hij teleurgesteld? Zo maar wat emoties waarmee wij kunnen reageren.
Een vraag
Maar wat doet de Heere God? Hij zoekt Adam op. Niet om hem de les te lezen. Niet om hem verwijten te maken. Nee. Hij stelt een vraag: “Adam, waar ben je?’
Opzoekende liefde
Over deze geschiedenis valt het een en ander te vertellen. Voor mij is het kernpunt dat de Heere God het initiatief neemt om het contact met de mens te herstellen. En dat blijft Hij doen tot op de dag van vandaag. Ook vandaag klinkt nog de oproep van de apostel Paulus: “Wij zijn dan gezanten namens Christus, alsof God Zelf door ons smeekt. Namens Christus smeken wij: laat u met God verzoenen.” (2 Korinthe 5:20).
Hiervoor heeft God uit liefde tot ons zijn Zoon als zoenoffer voor onze zonden gegeven. “Hierin is de liefde van God ten aanzien van ons geopenbaard, dat God zijn eniggeboren Zoon in de wereld heeft gezonden, opdat wij zouden leven door Hem. Hierin is de liefde, niet dat wij God hebben liefgehad, maar dat Hij ons heeft liefgehad en zijn Zoon heeft gezonden als zoenoffer voor onze zonden.” ( 1 Johannes 4:9,10).
Het antwoord op deze oproep is aan jou.
Auteur: Willem van Leiden
Foto: © Henk-Jan Oudenampsen

