
‘David’ betekent: ‘geliefde’ = voelen dat je geliefd wordt.
Het Hebreeuwse alfabet heeft 22 letters en elke letter in het Hebreeuws heeft een naam en is ook een getal. Er zijn in de Bijbel een aantal hoofdstukken, waarvan de eerste letters van de verzen samen het Hebreeuwse alfabet vormen. Omdat je dat door de vertaling in het Nederlands niet meer kunt zien, hebben verschillende vertalingen bij de tekst in deze hoofdstukken de namen van de letters gezet: aleph, beth, gimmel…
Psalm 145 is zo’n ‘acrostichon’: de eerste letters van de verzen vormen samen het Hebreeuwse alfabet. Maar heel opvallend is het, dat dit hoofdstuk geen 22, maar 21 verzen heeft. Er mist een letter in dit rijtje en dat is de noen. (Na de mem (40) en voor de samech (60) staat de noen (50) in het Hebreeuwse alfabet.)
In vers 14 (die eigenlijk met de noen zou moeten beginnen) staat: ‘De Here ondersteunt allen die vallen’. In het Hebreeuws staat het er zo: ‘Ondersteunende… het vallende’.
De eerste letter is de samech (60) van het woord ‘ondersteunen’ (60-40-20). De noen (50) komt pas later in het woord ‘vallen’ (50-80-30).
Een uitleg hiervan is: Niet het vallen (50) komt eerst, maar het ondersteunen, het opvangen (60): vóórdat wij vallen staat de Heer al klaar om ons op te vangen.
Zoals liefhebbende ouders op hun kinderen letten en klaar staan om ze op te vangen als dat nodig is.
‘Zie, God is mij een Helper, de Here is het, die mij ondersteunt.’ (Psalm 54:6)
Auteur en tekening: Redactie

