‘Knecht’ van God zijn – de hoogste ‘baan’ die er is

Een voetbaltrainer heeft ideeën en maakt plannen, hij kiest uit wie mogen spelen en waar, maar zelf maakt hij geen enkel doelpunt. Hij staat buiten het veld en zijn team binnen het veld moet de wedstrijd spelen.

Dit is een mooi voorbeeld van wat in de Bijbel bedoeld wordt met een heer en zijn knechten. Een heer staat boven zijn knechten en geeft hen opdrachten. De knechten kennen hun heer en doen het werk voor hem op een plaats, waar hun heer dat werk niet kan doen.

Zo is het ook met de Here God en ons. Een knecht (of: dienstknecht, slaaf) van God doet hier op aarde, wat God in de hemel graag wil dat gedaan wordt, wat Hem blijdschap geeft, maar wat Hij Zelf niet kan doen. De Heer kent Zijn knechten en heeft hen lief en weet wat ze aankunnen. Hij geeft elke knecht zijn eigen opdracht.

Knechten van God leven in vrijheid met hun Heer. Ze worden niet gedwongen om hun Heer te dienen. Hun werk heeft alleen waarde als ze het uit liefde voor hun Heer willen doen. En wát een vreugde voor de Heer, als Hij merkt dat Zijn knechten niet lui of ongehoorzaam zijn, maar graag doen wat Hij van hen vraagt.

Knechten van God vinden het niet belangrijk wat andere mensen van hun werk vinden. Hun zorg is, wat hun Heer ervan vindt. Ze moeten vaak zelf ontdekken, hoe ze hun opdracht moeten uitvoeren. Een trouwe knecht wil het graag goed doen en dat is niet altijd zo gemakkelijk, dat geeft vragen en twijfels. Een ontrouwe knecht maakt zich daar geen zorgen om.

‘Wees standvastig, onwankelbaar, steeds overvloedig in het werk van de Heer, want je weet, dat je werk niet tevergeefs is in de Here.’ (1 Korinthe 15:58)

‘Geef dan aan Uw knecht een luisterend hart…’
Dit is het eerste wat koning Salomo vraagt, als God zegt: ‘Vraag maar, wát zal Ik je geven’ (1 Koningen 3:5,9)

Auteur: Redactie
Foto: © Henk-Jan Oudenampsen

Christelijk Nieuws
ChristelijkNieuws.nl maakt gebruik van cookies