“Ik wist dat je zou komen“ Soms maak je iets mee waarvan je eigenlijk niet goed weet hoe je het moet vertellen. Omdat het bijna té bijzonder klinkt. Dit is zo’n verhaal. We waren met een groep jongvolwassenen uit Barcelona een week in Nederland voor een missiereis. We werkten met verschillende christelijke organisaties, ontmoetten mensen op straat en gingen meerdere keren naar de Wallen in Amsterdam.
Voor deze jongeren was het de eerste keer dat ze hier waren. Ze leerden anders kijken. Niet naar mensen van de straat of vrouwen achter de ramen, maar naar mensen met een verhaal, een familie, dromen, verdriet en hoop. Mensen die door God gezien en gekend zijn.
Sofia
Tijdens onze eerste kennismaking met de Wallen kruiste de blik van Sofia* kort de blik van een vrouw achter een van de ramen. Ze glimlachten naar elkaar. En dat was het. Later die dag verloor Sofia haar telefoon. Die viel tijdens een briefing door een rooster en verdween in het water. Telefoon weg. Bankpassen weg. Vluchtgegevens weg. Alles weg. Toch bleef Sofia rustig. Ze vertrouwde erop dat het de bedoeling was dat ze hier moest zijn en God voor haar zou zorgen. De volgende ochtend vertelde ze dat ze had gedroomd. Over de vrouw achter het raam. In haar droom zag ze haar opnieuw, maar nu zonder make-up. Niet als de vrouw achter het raam, maar gewoon als zichzelf. Toen Sofia wakker werd, wist ze heel sterk: “ik moet haar opnieuw ontmoeten en met haar bidden.” Maar waar zoek je iemand op de Wallen als je alleen haar gezicht nog voor je ziet? De dagen daarna keken we steeds uit naar haar. Zonder resultaat.
Eén plantje
Op de laatste ochtend van die week gingen we opnieuw naar de Wallen. Er stonden kleine plantjes klaar om aan de vrouwen te geven. Sofia pakte er één apart. Een plantje met witte bloemen, waarvan één bloem net roze begon te kleuren. “Deze is voor haar,” zei ze. Een paar uur liepen we rond. We ontmoetten mensen, hadden gesprekken en deelden plantjes uit. Maar de vrouw uit Sofia’s droom vonden we niet. Het programma liep af. De groep moest terug en die middag zou Sofia naar Barcelona vliegen. Toch hadden we het op ons hart om samen met haar nog één rondje te lopen. We liepen door verschillende straten en steegjes. Niets. Tot Sofia ineens zei: “Wacht eens… Ik moet de hele tijd aan een kerk denken, kan het zijn dat het ergens in de buurt van een kerk was?” We besloten via de Oude Kerk terug te lopen. En toen bleef Sofia plotseling staan.
Daar is ze!
Samen liepen we naar het raam. Vrijwel meteen ging het open. Daar stond de vrouw die Sofia eerder die week had gezien en over wie ze had gedroomd. Sofia vertelde haar erover en over haar verlangen om haar opnieuw te ontmoeten en met haar te bidden.
De vrouw luisterde. En toen vertelde zij iets waardoor wij stilvielen. Ook zij had die nacht gedroomd. Dat er een vrouw naar haar raam zou komen om met haar te bidden. En toen ze Sofia door de straat naar haar toe zag lopen, wist ze dat zíj de vrouw uit haar droom was.
“Ik wist dat je zou komen”
Alsof het nog niet bijzonder genoeg was: ze konden van hart tot hart praten in het Spaans, de moedertaal van beide vrouwen. Sofia gaf haar het plantje dat ze de hele ochtend voor haar had meegedragen. De vrouw keek ernaar en vertelde dat het precies uitbeeldde hoe zij zich voelde: alsof er in haar leven iets nieuws begon te ontstaan.
We mochten haar vertellen over de organisaties die dagelijks op de Wallen aanwezig zijn en naast vrouwen zoals zij wilxclen staan. En uiteindelijk mochten we samen met haar bidden. Nog geen uur later was de missieweek voorbij.
*Pseudoniem i.v.m. privacy.
Dit verhaal verscheen in de nieuwste editie van de Pionier, het magazine van CAMA Zending. Deze editie staat geheel in het teken van Envision, het jongeren- en jongvolwassenenprogramma van CAMA Zending. Lees de volledige Pionier via www.camazending.nl/pionier.
Auteur: Hans Borghuis
Meer: www.camazending.nl
Foto: © CamaZending

