Twee jaar na het verschijnen van zijn debuut ‘De jongen die met wolven vocht’ ligt het tweede jeugdboek van jeugdleider Robin de Keijzer in de schappen. Het debuutverhaal speelt zich af in de Romeinse tijd en vertelt over een Germaanse jongen die gevangen wordt genomen en als slaaf moet werken voor een rijke Romein. Via andere slaven hoort hij over de God van de christenen. Dit nieuwe boek speelt zich af in een heel andere tijd: de 20e eeuw. Maar dezelfde thema’s keren terug: slavernij, onrecht en de kracht die de hoofdpersoon in moeilijke omstandigheden put uit zijn geloof.
De hoofdpersoon Evan groeit op in het Londen van vlak na de Tweede Wereldoorlog. Er is veel armoede. Evans vader die in het leger vocht, is vermist. Zijn moeder werkt dag en nacht. Thuis is er vaak weinig te eten. Daarom steelt Evan af en toe bij de bakker of de groentenboer. Als hij wordt betrapt met drie gestolen appels komt hij in de gevangenis terecht. De agenten daar vertellen dat ze wel weten wat er met kinderen als Evan moet gebeuren. Hij wordt als straf samen met andere jongens en meisjes op een schip gezet dat naar Australië vaart.
Stoomschip
Er wordt hem een nieuwe toekomst belooft en zijn moeder vindt dat zo goed klinken dat ze zijn jongere zusje Lizy ook mee laat gaan. Ze komen na een prachtige reis met een stoomschip in het zogeheten land van melk en honing aan. Maar al snel blijkt dat het land ook een ander gezicht heeft. De school waar ze naar toe zouden gaan is een schoolboerderij waar de kinderen een hard slavenbestaan wacht. Hen wordt samen afgenomen. Zelfs hun naam mogen ze niet houden.
Jozua
Evan die de naam Joshua krijgt, heeft een mes van zijn moeder meegekregen waar een tekst uit het Bijbelboek Jozua op staat. Het gaat om Jozua 1 vers 9: “Wees vastberaden en standvastig. Laat je door niets weerhouden of ontmoedigen want waar je ook gaat: de Heer, je God, staat je bij.” Deze tekst geeft hem de moed en kracht om vol te houden. Hij put hoop uit het geloof, maar worstelt er ook mee. In de kerk waar ze met alle kinderen van de schoolboerderij Fairbrigde heen gaan, hoort hij dat hij zich moet houden aan de geboden en hij weet dat hij gestolen heeft. Ook in het eerste hoofdstuk van Jozua leest hij het. Zou God nu niet meer bij hem willen zijn nu hij Hem niet gehoorzaamd heeft? Hij voelt zich nog eenzamer in Australië dan eerst.
Konijnenplaag
Als het mes dat hij verstopt heeft onder het matras gevonden wordt, geselt de kampmanager, mister Denham, hem. Evan bidt later tot God en vraagt zich af of de Heer hem ziet. “God van Jozua, de held van Israël. Ik weet dat ik verkeerde dingen heb gedaan. Ik had nooit mogen stelen. Maar U moet het toch gezien hebben wat mister Denham me heeft aangedaan? Alstublieft, ik smeek U: help mij! Ik kan dit niet zelf. U heeft die andere Joshua toch ook geholpen vroeger? Help ook mij…”
Als hij een keer op een andere boerderij mag helpen waar een konijnenplaag woedt, leert hij een vriendelijke boer kennen die hij zijn worsteling kan voorleggen. Deze boer zegt: “Wat jou is aangedaan is verschrikkelijk. Maar God kon die geseling gebruiken om jou te redden. Omdat jij gegeseld bent, heb je mij ervan kunnen overtuigen dat het zo erg is op Fairbridge. Als ik jouw littekens niet had gezien, had ik jou nooit geloofd.” Kan deze boer ook wat betekenen voor de kinderen van Fairbridge? Komen ze ooit terug in Engeland?
Hoofdpersoon
Dit tweede boek zit goed in elkaar. De dialogen komen natuurlijk over, de karakterontwikkeling van de hoofdpersoon is goed beschreven. Opvallend is dat de hoofdpersonen van beide boeken qua karakter op elkaar lijken. Beide zijn niet op hun mond gevallen en komen in opstand tegen het onrecht dat hen wordt aangedaan. Beide worstelen met lijden dat hen treft. De schrijver is zelf ook al op jonge leeftijd met lijden geconfronteerd. Hij kreeg op die leeftijd al te horen dat hij de chronische ziekte MS heeft en werd volledig afgekeurd. Tijdens zijn zoektocht naar een nieuwe plek heeft hij veel van God leren kennen dat hij nu wil doorgeven aan de jeugd. Als jeugdleider heeft hij een groot hart voor de jeugd.

Informatie boek:
De jongen die zijn naam niet mocht houden
138 bladzijden
Scholten Uitgeverij: Meer informatie
ISBN: 978-9083-6256-90
Auteur recensie: Rosanne de Boer
Foto: © ChristelijkNieuws

