Column – Zelf vind ik dit heel aangrijpende woorden. Het is God die deze woorden uitspreekt ten aanhoren van Samuël.
Toehoorder
Ik voel me een beetje een toehoorder bij een gesprek tussen de Heere God en Samuël. Je kunt het lezen in 1 Samuël 8. Het volk had bij Samuël aangegeven dat het een koning wilde hebben die hen leiding geeft. Samuël was daar sterk op tegen. En dan lezen we; “En Samuël bad tot de Heere. Maar de Heere zei tegen Samuël: Geef gehoor aan de stem van het volk in alles wat zij tegen u zeggen: want zij hebben niet ú verworpen, maar Mij hebben zij verworpen, dat Ik geen Koning over hen zou zijn.”
Tranen
Ik weet dat het niet zo is, maar toch schrijf ik dat de Heere God deze woorden spreekt met tranen in Zijn ogen. Wat had Hij in de loop der jaren niet voor Zijn volk gedaan! Hij had het uit de slavernij van Egypte verlost. Hij had hen door de woestijn ‘geloodst’. Hij had tal van wonderen voor hen gedaan, waaronder hen dagelijks had manna gegeven. Hij had hen in het Beloofde Land gebracht. Hij had hen de overwinning gegeven in tal van veldslagen. En als ze dan hun einddoel hebben bereikt serveren ze God af. Ze hebben Hem niet meer nodig. Ze willen een koning, net zoals bij de andere volken!
Feitelijk verworpen
Het volk zegt niet letterlijk dat het God heeft verworpen. Het blijkt uit de keuze die het heeft gemaakt. En dat principe blijft in de loop der eeuwen gelden. Tot op de dag van vandaag. Niet God met zoveel woorden verwerpen, maar uit je levenswijze laten blijken dat het er feitelijk wel op neerkomt. Hoeveel (naam-) christenen zullen er zijn die, als zij hand in eigen boezem steken, tot de conclusie moeten komen dat God het in hun leven niet (meer) voor het zeggen heeft? Dat Hij in dit opzicht niet meer hun Koning is.
Auteur: Willem van Leiden
Foto: © Henk-Jan Oudenampsen