De afgelopen zomermaanden hebben zich in Jeruzalem een paar opmerkelijke zaken afgespeeld, vooral op en rond de Tempelberg. Volgens de jarenlang geldende status quo mogen Joden het terrein wel bezoeken, maar er niet openlijk bidden. Toch bezochten deze zomer duizenden Joden de Tempelberg, werden openlijke gebeden steeds vaker gedoogd en werden tijdens een beperkte proef zelfs gebedenboeken toegelaten. Ook ministers – onder wie de omstreden en radicale minister van Nationale Veiligheid Itamar Ben-Gvir – en Knessetleden spraken zich uit voor Joodse gebedsvrijheid.
Op 5 augustus riep Jordanië daarom in Amman een spoedoverleg bijeen met vertegenwoordigers van Arabische en islamitische landen. Het land waarschuwde dat de status quo op de Tempelberg werd uitgehold en dat hierdoor een breder religieus conflict zou kunnen ontstaan.
Bouw van een nieuwe tempel
Tegelijkertijd bereiden orthodox-joodse organisaties zoals het Temple Institute zich concreet voor op het herstel van de tempeldienst. Tempelvoorwerpen en priesterkleding zijn vervaardigd en er wordt serieus nagedacht over een toekomstige tempel. De hierboven beschreven ontwikkelingen van de afgelopen maanden betekenen niet gelijk dat er binnenkort een bouwbesluit te verwachten is. Wel is duidelijk dat oude afspraken over de Tempelberg steeds verder worden opgerekt. Daarmee lijkt het idee voor de bouw van een tempel met de dag actueler te worden.
Een onbekend visioen
In een eerdere nieuwsbrief schreef ik over de beek die volgens Ezechiël 47 vanuit het heiligdom naar de Dode Zee zal stromen en daar leven en genezing zal brengen. Maar over welke tempel ontvangt Ezechiël dit visioen? Om die vraag te beantwoorden, moeten we naar Ezechiël 40–48. Negen hoofdstukken die – afgezien van het gedeelte over de tempelbeek – voor veel gelovigen onbekend zullen zijn. Toch wordt deze toekomstige tempel daarin tot in de kleinste details beschreven: de maten, muren, poorten en vertrekken, maar ook informatie over de priesters, de te brengen offers en de verdeling van het omliggende land.
Een fysieke tempel
Al deze concrete beschrijvingen laten naar mijn overtuiging maar één conclusie toe: het gaat om een letterlijke, fysieke tempel. Het kan niet primair een beschrijving zijn van een geestelijke werkelijkheid, zoals door veel bijbeluitleggers wordt gedacht. Het kan daarbij niet gaan over de tempel van Salomo, die in 586 voor Christus door de Babyloniërs werd verwoest. Evenmin past de beschrijving bij de tweede tempel, die na de ballingschap onder leiding van Zerubbabel werd gebouwd, door Herodes sterk werd uitgebreid en in het jaar 70 door de Romeinen werd verwoest. Geen van beide historische tempels komt overeen met wat Ezechiël te zien kreeg. We kijken dus naar een tempel die er nog niet heeft gestaan.
Een imposant heiligdom
In Ezechiël 40:5 wordt de profeet rondgeleid door een soort hemelse gids met een meetlat van zes el. Het gaat daarbij om een el plus een handbreedte: ongeveer 53 centimeter. De meetlat is dus ruim drie meter lang. Over de totale afmetingen van het tempelcomplex bestaan vanwege verschillende mogelijke vertalingen uiteenlopende opvattingen, maar het zal hoe dan ook een imposant heiligdom worden. Daaromheen beschrijven Ezechiël 45 en 48 een heilig gebied van 25.000 bij 25.000 el: ongeveer 13,4 bij 13,4 kilometer, oftewel circa 180 vierkante kilometer. Een deel is bestemd voor de priesters en de tempel, een deel voor de Levieten en een deel voor de stad en de landbouwgrond. De HSV noemt dit gebied een hefoffer, de NBV21 een domein en de BGT een afgescheiden gebied.
Jeruzalem wordt verhoogd
Deze afmetingen passen niet binnen het bekende plaatje van de huidige Tempelberg en Jeruzalem. Maar juist daar wordt Zacharia 14 interessant. Wanneer de voeten van de Heere op de Olijfberg zullen staan, zal de berg splijten. Het omliggende land wordt tot een vlakte gemaakt, terwijl Jeruzalem wordt verhoogd (Zacharia 14:4 en 10). Dat sluit aan bij Ezechiël 40:2, waar de profeet naar een zeer hoge berg wordt gebracht. Wanneer beide profetieën over dezelfde periode spreken, hoeven we dus niet uit te gaan van de huidige topografie. De geografie rond Jeruzalem zal bij de wederkomst van Christus ingrijpend veranderen.
Nog een toekomstige tempel
Toch lijkt er vóór deze tempel nog een andere tempel in Jeruzalem te zullen staan. Als ik Daniël 9, Mattheüs 24, 2 Thessalonicenzen 2 en Openbaring 11 goed lees, zal er tijdens de grote verdrukking – de zeven jaar tussen de opname van de gemeente en de wederkomst van Jezus – eveneens een tempel zijn. Over de afmetingen en vorm daarvan vertelt de Bijbel niets. Wel lezen we dat de antichrist deze tempel halverwege die periode zal ontheiligen, daarin zal plaatsnemen en zichzelf als God zal voordoen. Jezus noemt dit, verwijzend naar Daniël, de gruwel van de verwoesting (Mattheüs 24:15). Hoe en wanneer deze tempel wordt gebouwd en wat ermee gebeurt, vertelt de Bijbel niet. Het lijkt echter niet aannemelijk dat dit dezelfde tempel is als die van Ezechiël. De tempel tijdens de grote verdrukking wordt gekenmerkt door de zelfverheffing van de antichrist; die van Ezechiël door de terugkeer van Gods heerlijkheid.
De heerlijkheid keert terug
Dat is misschien wel het indrukwekkendste van het visioen. In Ezechiël 10–11 zag de profeet hoe Gods heerlijkheid vanwege de zonden van Israël de tempel via de oostzijde verliet. In hoofdstuk 43 gebeurt het tegenovergestelde: via diezelfde oostzijde ziet Ezechiël Gods heerlijkheid terugkeren en het huis binnengaan. God zegt: ‘Mensenkind, dit is de plaats van Mijn troon en de plaats van Mijn voetzolen, waar Ik voor eeuwig wonen zal onder de Israëlieten’ (Ezechiël 43:7a). Deze tempel wordt dus niet het toneel van de zelfverheffing van een mens, maar de plaats waar Gods heerlijkheid zichtbaar terugkeert.
DE HEERE IS DAAR
Bijna aan het einde van het visioen ziet Ezechiël dus hoe vanuit het heiligdom water naar het oosten begint te stromen. De beek wordt steeds dieper en brengt overal leven, vrucht en genezing. De allerlaatste woorden van het visioen in Ezechiël 48:35 zijn onvoorstelbaar mooi. De naam van de stad zal vanaf die dag zijn: DE HEERE IS DAAR. In Jeruzalem wordt de troon van David hersteld en Christus zal over de aarde regeren. De volken zullen Hem aanbidden en er zal vrede en gerechtigheid zijn. En wij zullen met onze nieuwe en verheerlijkte lichamen samen met Christus als koningen en priesters regeren. Zie je het al voor je?
En tot die tijd?
Dit visioen is meer dan een verzameling bouwtekeningen en toekomstige gebeurtenissen. Het bemoedigt ons dat God de geschiedenis in zijn hand houdt, zijn beloften aan Israël niet vergeet en zijn schepping niet prijsgeeft. Er komt een dag waarop Gods heerlijkheid zichtbaar terugkeert, Christus regeert en vanuit Jeruzalem leven en genezing uitgaan. Niet de antichrist, het geweld of de chaos krijgt het laatste woord. Dat is aan Jezus, onze Heer.
Maar het visioen bevat ook een opdracht voor vandaag. Paulus schrijft dat wij als gemeente én als individuele gelovigen nu de tempel van God zijn (1 Korinthe 3:16 en 6:19). Ons leven mag een plaats zijn waar Gods heerlijkheid woont en zichtbaar wordt. Jezus spreekt over stromen van levend water die uit het binnenste van de gelovige zullen vloeien. Daarmee bedoelt Hij de Heilige Geest (Johannes 7:38–39).
Dat is Gods bedoeling met zijn gemeente en met jouw en mijn leven: dat wij, zolang die toekomstige tempel er nog niet staat, wandelende tempels zijn waar zijn aanwezigheid wordt ervaren en levend water naar een dorstige wereld stroomt.
Totdat de bazuin klinkt en Hij ons komt halen. Hoelang nog, Heer? Maranatha.
Auteur: Wim Grandia
Met vriendelijke toestemming overgenomen van de nieuwsbrief van 2 september 2026
Foto: © Henk-Jan Oudenampsen (Israëlmuseum in Jeruzalem)
Videokanaal: video.wimgrandia.nl
Informatie: www.wimgrandia.nl
Openbaring: www.zieikkomspoedig.nl
Daniel: www.detijdvanheteinde.nl
Thessalonicenzen: www.debazuinzalklinken.nl
Online bijbelstudies: YouTube




