‘…toen vormde de Here God de mens uit het stof van de aardbodem en blies de levensadem in zijn neus; zo werd de mens tot een levend wezen.’ (Genesis 2:7)
De mens wordt in Genesis 2 geschapen uit 2 delen: het stof van de aardbodem en de adem (= ‘neshamah’ in het Hebreeuws) van de Here God. Door deze adem komt de mens tot leven. En deze adem wordt ingeblazen in zijn neus: de Here God blaast hem ‘de geur van het leven’ in.
Een geur is met dat, wat de geur afgeeft een eenheid: God is liefde en God is goed. Deze ‘geur van het leven’ is een goede, hemelse geur, een geur van liefde.
Elke keer als een mens inademt, krijgt hij deze adem van God, zo ziet de Bijbel dat:
‘… de adem (= ‘neshamah’) van de Almachtige doet mij leven.’ (Job 33:4)
‘… Hij Zelf geeft aan allen het leven, de adem en alle dingen.’ (Handelingen 17:25)
De eerste keer dat er in de Bijbel het woord ‘geur’ of ‘reuk’ staat, is in Genesis 8:21 als Noach een altaar heeft gebouwd voor de Here en daarop offers brengt. Dan staat er dat de Here ‘de liefelijke geur rook’ (Genesis 8:21). En ook verderop in de Bijbel lezen we steeds weer van die ‘liefelijke geur’ die de Here God inademt als mensen Hem offers brengen.
In Romeinen 12:1 worden wij opgeroepen om ‘…onze lichamen aan God te wijden als een levend offer, heilig en voor God welbehaaglijk…’ Dat is die ‘liefelijke geur’ waar God zo van geniet.
En dit is wat een relatie van liefde is: de liefde stroomt heen en weer.
Hij geeft jou Zijn geur van liefde, die geur van het leven bij elke ademhaling en jij mag Hem blij maken als jij jouw leven uit liefde aan Hem geeft.
het bewijs van je liefde is het offer dat je brengt
Deze liefdesrelatie is het doel van God met ons leven: Hij heeft uitgeademd om dit in te kunnen ademen. Zó is: God in mij en ben ik in Hem (1 Johannes 4:16). Dít grote geluk doet ons juichen: ‘Alles wat adem (= ‘neshamah’) heeft, loof de Here. Halleluja!’ (Psalm 150:6)
Zó wandelen wij in de voetsporen van Christus en volgen we Zijn voorbeeld (1 Petrus 2:21): ‘…wandel in de liefde, zoals ook Christus ons liefgehad heeft en Zichzelf voor ons heeft overgegeven als een offergave en slachtoffer, tot een liefelijke geur voor God.’ (Efeze 5:2)
‘Want wij zijn voor God een goede/liefelijke geur van Christus…’ (2 Korinthe 2:15)
Auteur: Redactie
Foto: © Henk-Jan Oudenampsen

