Iemand die pas bekeerd was, zei tegen zijn voorganger dat hij bereid was, alles wat hij had aan de Heer te geven. Om heel praktisch te blijven, zei hij: ‘Dominee, als ik vijftig varkens had, zou ik er vijfentwintig aan de Heer geven’. De voorganger antwoordde: ‘Dat is mooi van je. Als je er dertig had, zou je er dan vijftien aan de Here geven’? ‘Natuurlijk’ was het antwoord. ‘en als je er tien had, zou je er dan vijf aan de Here geven’? ‘Dat zou ik zeker doen’. ‘En als je er twee had, zou je er dan één aan de Here geven’? ‘Nee dominee, dit kunt u niet van me vragen, want u weet dat ik maar twee varkens heb’?
Een jonge christen vroeg aan een oudere gelovige, of hij voor hem wilde bidden om meer volharding. De oudere man knikte en begon te bidden: ‘Here, zend u deze jonge man verdrukking in de morgen, geef deze jonge man verdrukking in de middag, geef deze jonge man….’. Op dat moment riep de jonge man: ‘Ho, ho! Ik vroeg niet om te bidden om verdrukking, maar om volharding’. ‘Jawel’, zei de wijze, oude man, ‘maar het is juist zo, dat we door verdrukking volharding leren’.
En rijke en een arme man waren beiden lid van een bepaalde kerk. De rijke man wilde graag iets doen voor de arme man. Daarom ga hij een groot bedrag aan een vriend, die hij volkomen vertrouwen kon en vroeg hem dit geld aan de arme man te geven op de manier die hem het beste toe leek.
Die vriend was een wijs man.
Een buurman van Abraham Lincoln hoorde eens buiten kinderen luidkeels huilen en schreeuwen. Hij ging bij de deur kijken, wat er aan de hand was. Hij zag Lincoln met twee van zijn huilende zoontjes voorbijlopen. ‘Wat is er met uw jongens aan de hand’? vroeg hij. Lincoln antwoordde: ‘Hetzelfde als wat er met de hele wereld aan de hand is. Ik heb drie walnoten en ze willen er allebei twee hebben’.
Moody vertelde eens van twee zakenmensen, die niet met elkaar konden opschieten en elkaar zoveel mogelijk tegenwerkten. Eén van hen kwam tot bekering en na een tijdje kwam hij bij zijn voorganger met zijn probleem.
‘Ik ben nu bekeerd, maar ik kan nog steeds niet met mijn collega opschieten. Wat moet ik eraan doen’? Hij kreeg van zijn voorganger dit advies: ‘Je moet in het vervolg, wanneer er een klant in je winkel komen, die ergens om vraagt, wat je niet hebt, hem doorsturen naar je collega’. ‘Maar dat is toch onmogelijk’ was het antwoord van de zakenman. De voorganger raadde hem aan zijn probleem bij de Here te brengen en Hem te vragen wat hij moest doen.
President George Washington vroeg eens aan een generaal, die christen was, zijn mening over een bepaalde officie. Een vriend, die erbij stond, hoorde dat de generaal alleen maar positieve dingen van de officier zei. Late zei die vriend tegen de generaal: ‘Weet u wel dat die officier een van uw grootste vijanden is en dat hij niets anders doet dan verkeerde dingen van u vertellen’? ‘Ja, dat weet ik’ antwoordde de generaal, ‘maar de president vroeg mij naar mijn mening over hem, hij vroeg me niet naar zijn mening over mij’.
Een vrouw werd gezocht door de politie. Toen ze op een keer uit een trein stapte, werd ze aangehouden door een agent, die haar vroeg wie ze was en waar ze vandaan kwam. Ze noemde een andere naam en ze loog ook over de plaats waar ze vandaan kwam. Daarna wilde ze doorlopen. Ze had nog maar een paar stappen gedaan, toen riep de agent: ‘Rosine’! Dit was namelijk haar echte naam. Ze schrok, ze bleef staan en draaide zich om. Hiermee had ze zichzelf verraden en ze werd gearresteerd. Deze vrouw had twee namen: haar echte naam, waarvoor zij zich eigenlijk schaamde, en een aangenomen naam.
Eerlijkheid gebied mij te zeggen dat zo’n beetje het laatste waar ik gisteren op zat te wachten was de gebedsavond van OM waar ik naar toe zou gaan. Ik was slecht gemotiveerd en toch triggerde mij iets die avond.
Ik breng op het moment het boek ‘totale overgave’ bij velen onder de aandacht. Het is het indrukwekkende verhaal van een collega. Hij werkte samen met zijn vrouw in Libanon, tot zijn vrouw daar in 2002 werd doodgeschoten.
Ik ben volop betrokken bij de organisatie van een fantastische conferentie in hartje Amsterdam. Ruim 2000 jaar nadat Jezus zijn voeten hier op aarde zette, sta jij voor de vraag: hoe volg ik Jezus na? Een radicale vraag, die vraagt om actie.
